Huismus herkennen
Hoe ik eruitzie
De Huismus heeft een grijze kruin en wangen, een bruine nek en een zwarte kinvlek.
Hij heeft een korte, kegelvormige en robuuste snavel.
De bovenkant van zijn lichaam is bruin en gestreept.
De onderkant is lichtgrijs.
Het vrouwtje is grijsbruin met een lichte wenkbrauwstreep, zonder bruine nek of zwarte kinvlek.
Mijn zang, mijn roepen
De Huismus zingt niet, hij maakt een tsjilpend geluid (zoals de hoge piepgeluiden van kuikens). "tsjilp tsjilp tsjilp"
Hij kan andere, krachtigere geluiden maken wanneer hij opgewonden is of vliegt "tetetetet" "tsjip".
Hoe ik me gedraag
De Huismus is zeer sociaal en leeft in luidruchtige groepen.
Hij profiteert van beschikbaar voedsel en valt vaak de voederplaats binnen.
De Huismus houdt van zandbaden. In de tuin kun je een bak met fijn zand plaatsen.
Hij benadert mensen heel gemakkelijk.
Hoe ik me voortplant
De broedperiode van de Huismus loopt van maart tot september.
Hij produceert 2 tot 3 broedsels per jaar van 2 tot 3 witte tot groenig gevlekte eieren met bruine vlekken.
Hij nestelt in holtes, nestkasten of in de open lucht.
Zijn nest is een bol of kom van gras, stro, hooi.
Wat ik eet
Hij heeft een zaadetende snavel (kort, kegelvormig en robuust). Hij eet voornamelijk zaden.
Hij heeft een omnivoor dieet: hij eet van alles (zaden, kleine dieren, fruit, knoppen).
Waar je me kunt vinden
De Huismus leeft in de buurt van bewoonde gebieden, in de stad en op het platteland.
Hoewel hij wijdverspreid is in Europa, nemen zijn populaties af.
We kunnen de soort behouden door meerdere nestkasten dicht bij elkaar te plaatsen om een kleine kolonie te vormen.
Het is een standvogel.